Wie er ‘s winters warm bij wil zitten moet hout zagen!

Bij het dorp ligt een groot bos. Het wordt gebruikt voor de productie van eiken- en beukenhout en wilde zwijnen
De houtvesters zijn alleen geïnteresseerd in eiken en beuken die ouder zijn dan 100 jaar. Grote vrijstaande bomen krijg je alleen
als je het bos regelmatig uitdunt , en dat doen de dorpsbewoners in hun spaarzame vrije tijd. Iemand vroeg me of ik ook mee wilde doen.
Op een dag in oktober werd ik uitgenodigd op het gemeentehuis. Daar werden de percelen verloot die deze winter in aanmerking kwamen om
uitgedund te worden. Ik trok perceel nummer 10 uit de koektrommel. Dit zei me niet veel omdat niemand de percelen van tevoren mag zien.
Men doet dit om tactische redenen. Stel je voor dat je de percelen voordien mag bewonderen en er staat weinig hout , dan doet er dus niemand
mee en wordt er dat jaar dus niet gedund! Je hebt dan wel het nadeel dat je je stookhout voor die winter bij een handelaar moet kopen à €30,-
per sterre (ongeveer 1 kub)
Als er veel hout is , dan willen zelfs de de mannetjes van boven de 95 jaar uit ons dorp, en alle handelaren uit de verre omtrek meedoen.
Daarom moet er blind worden ingeschreven en geloot. De jaarlijkse bijdrage in de kosten voor de loterij is een geringe bijdrage van €20,-


Omdat ik geen enkele ervaring heb als houthakker
viel de eerste aanblik van het perceel me een beetje tegen.
Is dat alles? Dat heb ik na 3 dagen wel omgezaagd!

Inmiddels weet ik beter.
Het leven van een houthakker is minder eenvoudig dan het lijkt.
Al na een uur heb je pijn in de rug van het bukken.
Na twee uur gaan je bovenarmen protesteren door het gewicht
van de kettingzaag.
Na drie uur krijg je een hongeraanval.
Na vier uur krijg je ontzettend zin in bier , maar bomen omzagen
en alcohol is een onhandige combinatie.
Na vijf uur doen je voeten pijn van het door het bos kluunen.

Na vier uur hou ik het al voor gezien omdat ik ook nog een
half uur naar huis moet lopen met de kruiwagen , de kettingzaag ,
de benzine , de olie en de reserve onderdelen.

De percelen zijn niet met de auto bereikbaar. Wel met een tractor.
Maar ja, welke Nederlander rijdt er met een tractor naar Frankrijk!




Na 10 middagen beulswerk à 4 uur is al het hout omgezaagd en
opgestapeld. Het blijft in het bos om te drogen en mag pas in
oktober worden weggehaald.
Dat doe je samen met “de-man-met -de-tractor”.

Wat brengt het op?

Ongeveer 20 kub brandhout , beuken en een beetje eiken.
Dat kost bij een handelaar €600,-

Mijn kosten:
Eenmalige bijdrage gemeente 20,-
Benzine en olie 70,-
Afschrijving op kettingzaag 50,-
Huur man-met-de-tractor 100,-
Totaal kosten 240,-

Voordeel zelf zagen 360,-
Je verdient per uur (zwaar werk !) 9,-

Terug naar het begin

(tot zover het eerste deel)